5.2.10

Anything goes/ moods

Elke poging tot uitjubeling van goede boven slechte poëzie is gedoemd tot mislukken, is pure nonsens. Anything goes. Dit hieronder is volgens mij dus pure lulkoek:
We need a criticism which restores language as the central concern of poetry. This would not restore a single dialect as a criterion of excellence. Linguistic diversity has already produced remarkable work by W.H. Herbert, the late Archie Markham, and Grace Nichols, to mention only three. Such a criticism would not get bogged down in academic jargon, yet would still manage to be both learned and accessible. A concern with language is not merely a matter of focusing on technique, but is allied to what Ezra Pound observed about a poem being rooted in justice. There is a parallel between the language of law and the language used in a poem. Legal judgements must be as clear and precise as possible so that there is little or nothing to provoke an objection. A poem has to be similarly precise in the organisation of sound, word choice, image, trope, and argumentation in order to express truth to feeling, perception, and opinion. It should be supported and advocated by a criticism that is both forensic and passionate. Without such criticism, good poets will continue to write unnoticed unless they are capable of putting themselves about in the current media circus. My prejudice is that any 'subsistence in the stiffening mire', to quote a turn of phrase by Geoffrey Hill, only distracts and detracts from their work. Critics can and must do better than the present-day equivalent of writing of a poet's work: 'here and there a happy line or phrase lingers gratefully in the memory'. (Lees het hele artikel hier.)
Elke uitspraak over de kwaliteit van poëzie (of literatuur) is normatief van aard en kan niet worden getoetst of weerlegd. (Naar Hugo Verdaasdonk.) Er zijn op dit vlak slechts meningen. Critici vertolken louter spelopvattingen. Meer niet. Ze zijn in zekere mate een factor van betekenis, critici, ook met betrekking tot verkoopcijfers, maar doorslaggevend in dit spel is niet de "kwaliteit" van de besproken poëzie, maar de "persoonlijkheid" van de criticus. Come on!

3.2.10

Betekenis en aanwezig zijn

Luister naar Alvin Luciers klassieker I am sitting in a room (eerste opname, gemaakt in de Electronic Music Studio, Brandeis University, 1969) terwijl u dit bericht leest:
mp3
De Amerikaanse experimentele componist Lucier (1931) spreekt zittend een tekst uit in een ruimte. Deze gebeurtenis wordt opgenomen en vervolgens afgespeeld in dezelfde ruimte, wat weer wordt opgenomen en afgespeeld etc. Al deze getapete gebeurtenissen zijn daarna achter elkaar geplakt en vormen zo de poëtische compositie waar u nu naar luistert. Hieronder de tekst die wordt uitgesproken en die tegelijkertijd aangeeft wat er volgens Lucier plaatsvindt:
I am sitting in a room different from the one you are in now. I am recording the sound of my speaking voice and I am going to play it back into the room again and again until the resonant frequencies of the room reinforce themselves so that any semblance of my speech, with perhaps the exception of rhythm, is destroyed. What you will hear, then, are the natural resonant frequencies of the room articulated by speech. I regard this activity not so much as a demonstration of a physical fact, but, more as a way to smooth out any irregularities my speech might have.
Het effect is, zo komt het op mij over, dat het spreken, stamelen langzaam overgaat in een resonans, een meetrillen van geluiden, dat het stamelen steeds meer overneemt, vervangt, tot we alleen nog maar galm horen. Een galm van het oorspronkelijke spreken, een uitdovende ik. Uitdoven... ik weet eigenlijk niet of dat het juiste woord is. In The Sound of Poetry / The Poetry of Sound zegt Craig Dworkin 't volgende:
Moreover, the tremelo of Lucier's stuttered syllables are one of the very last characteristics of his speech to survive the degradation of the tape recording: they remain rhythmically recognizable even after the syllables themselves can no longer be discerned. So, as Christofe Migone points out, "Lucier's intent to smooth out his stutter provides the impetus for the piece but what results is a heightened stutter."
Geen uitdoven dus, volgens Migone, maar wat overblijft is een "heightened", verheven (heilig?) stamelen. Ik heb het stuk intussen meerdere malen, als een verslaafde, achter elkaar gedraaid en geloof dat er een grond van waarheid (dat wil zeggen, geen feit maar mijn overtuiging) in Migones bewering zit. Ik heb het gevoel dat Lucier zich met I am sitting in a room letterlijk en figuurlijk naar de "onsterfelijkheid" schiet: 1 hoedanigheid of toestand van onsterfelijk te zijn, 2 eeuwigdurende roem. Hij blijft ook in de galm absoluut en volwaardig aanwezig. En als mp3, of de opvolger ervan, steeds weer reproduceerbaar.

Over smaak valt niet te twisten: je vindt Luciers compositie subliem, helemaal niks of iets daar tussen in. Het is lastig om onder woorden te brengen waarom ik dit stuk zo prachtig vind. Laat ik als voorlopig antwoord op deze vraag een citaat van Allen Grossman geven, uit zijn onvolprezen Summa Lyrica; A Primer of the Commonplaces in Speculative Poetics, revised form, 1992:
Poëzie functioneert als een machine die onsterfelijkheid produceert in de hoedanigheid van het samenvallen van betekenis met het aanwezig zijn.
Goede lyrische poëzie, en daar schaar ik I am sitting in a room onder, zou ik weleens kunnen definiëren als een spreken, stamelen waarin betekenis en aanwezig zijn volledig samenvallen. Aan een ster/ she argued. Wordt vervolgd.

2.2.10

Scrotum, castratie

"Doe eens gek," moet Willem Bongers hebben gedacht en hij mailde enkele van zijn gedichten naar Gerrit Komrij. Twee ervan eindigde in Turings Top 100. Het meest "gekke" gedicht van die twee is "een vogel een boom":
De zak ziet er raar uit kijken op de televisie lijkt de normaalste
zaak van de wereld, maar als je er over nadenkt is het deze opnieuw
berekende strook ziet er 'raar' uit. Een belangrijker nadeel is
Jantje. Die zak zit vol van de dennenappels echter hurkt gewoon
naast de auto op de grond. Klopt dat? Dat een boom laat het weten ziet?

Het is alsof mijn rechterbal helemaal scheef beneden is gezakt.
En dan met name rook uit mijn oren.
Een boom is geen taal.

Hanz neemt Bianca, omdat ze soms wat raar overkomt in sommige situaties.
Een unterzeichneter boom is taal.

er rest mij niets dan contact op te nemen met een
lap vlees wat hechtte aan de rest van me scrotum
de pijn maakt het hout van de boom

[[[Maar screw it: Vista werkt als een tierelier]]]

de vlaamse schrijvers kennende
testikels, scrotum, balzakvulsels,
met een paar donkerblauwe draadjes die erdoorheen
als dat is een verminderde boom een actie van de taal

service onderdelen voor beeld geluid huishoudelijke apparaten
castingbureau k A s t I N b y r o
castratie k A s t r a d s i
casu k a z y
casual k E Z u w @ l
casus k a z U s

Alles is welke dat de boom bestaat – taal zegt
"Kenners" merkten al snel op dat het openingsgedicht uit Jan Arends' Lunchpauzegedichten een rol moet hebben gespeeld bij de totstandkoming van Bongers "een vogel een boom". En dat lijkt er inderdaad verdomd veel op. Zo vinden we in beide gedichten de zin "Een boom is geen taal" terug. Daarnaast verandert Arends' strofe "Een/ Getekende boom is taal" bij Bongers in "Een unterzeichneter boom is taal." Voorts verwordt "Een/ Bijl/ Maakt hout/ Van de boom" tot "de pijn maakt het hout van de boom", en heeft Bongers slotzin veel weg van Arends' laatste strofe:
Alles
Wat zegt
Dat de boom
Bestaat
Is
Taal.
Blijft over de "zak" (scrotum, castratie) die in Bongers gedicht rondwaart. Maar zou die niet kunnen worden gelinkt aan een strofe uit het tweede gedicht uit Lunchpauzegedichten: "Misschien/ Is mijn vader/ Gierig geweest/ Met het zaad"? Wellicht. Voldoende aanknopingspunten, dacht ik zo, om te kunnen concluderen dat Jan Arends' stem weerklinkt in "een vogel een boom".

Daar waar Arends' openingsgedicht gaat over taal als teken (een boom is een boom is een boom) is Bongers gedicht echter dubbelzinniger: een boom is een zak is een boom. De vierde strofe uit "een vogel een boom" is in dit verband veelzeggend, doet me afvragen wat hier eigenlijk gaande is: "er rest mij niets dan contact op te nemen met een/ lap vlees wat hechtte aan de rest van me scrotum/ de pijn maakt het hout van de boom". Luguber? Absurd? Ik herinner me ineens mezelf, alweer heel wat jaren terug, op de bank, voor de tv, blauwe zak, draadjes, net terug van een vasectomie: "een verminderde boom", zo voelde dat.

Enfin, "een vogel een boom" focust ontegenzeggelijk ook op taal, maar is, in tegenstelling tot Arends' gedicht, tevens een lyrisch vers. En dat boeit me. Bongers lijkt te zoeken naar een antwoord op de vraag: Hoeveel verhaal zit er nog in de brokstukken van de postmoderne taal? In zijn innovatieve taalconstructies licht telkens weer een hoopgevende respons op. Hoe "gek" soms ook.

30.1.10

Een onthutsende tekst

Awater-medewerker Samuel Vriezen koos Aan een ster/ she argued tot zijn favoriete bundel van 2009 (Awater, winter 2010): "Van 't Hofs bundel, uitgegeven in eigen beheer, is formeel en inhoudelijk uitzonderlijk gedurfd. De dichter is wanhopig verdwaald in de werkelijkheid tijdens zijn missie in Afghanistan. Een bizar mengsel van ranzige uitspraken op internet, citaten van grote avant-gardisten en persoonlijke ontboezemingen mondt uit in een vervreemdende, 40 pagina's lange weergave van al het leesbare (flapteksten, bijsluiters, afschriften, enzovoort) dat de dichter in zijn kamer aantreft. Een onthutsende tekst." Hieronder de eerste pagina van het laatste, lange gedicht uit de bundel, "Kamer":
Kleenex BRAND TISSUE Say goodbye to the stiff upper lip... Tell calm, cool and collected to take a hike. Whoop it up! Laugh, scream, cry and holler! And when tons of stuff stuffs up your nose, blow it loud and blow it proud! Show your heart and show some tears... of joy and sorrow, in awe and pride. Just let it out®! 1-800-553-3639 Weekdays 8 a.m. to 4 p.m. CT Manufactured for: Kimberly-Clark Global Sales, LLC, Dept. KFTG-200 PO Box 2020, Neenah, WI 54957-2020 Made in the USA from domestic and imported material. www.letitout.com ® Registered Trademark of Kimberly-Clark Worldwide, Inc. © 1938, 1986, 2007 KCWW May be made under one or more of the following US patents: 7,029,756; 6,964,725. Box Tops for Education is a registered trademark of General Mills used with permission Kleenex ® BRAND let it out ® This box is made from 100% recycled paper. OFFICIAL COUPON 10¢ EXP 11 KMLF BOX TOPS FOR EDUCATION EXPIRES 06/30/11 See www.kleenex.com for details FLAMESTITCH + LAPIS 0 36000 28200 9 Johnson & Johnson STIM-U-DENT ® TANDENSTOKERS Inhoud 4 x 25 stuks Johnson & Johnson STIM-U-DENT ® CURE DENTS 1.00 Cont. 4 x 25 pièces PAPIER KARTON KRINGLOOP Johnson & Johnson STIM-U-DENT ® Tandenstokers: Verwijdert tandplak en voedselresten, masseert het tandvlees en voorkomt tandverlies. Gebruiksaanwijzing: 1. Vóór gebruik in de mond bevochtigen. 2. Plaats stoker tussen tanden met smalle, platte zijde tegen het tandvlees, zoals aangegeven. 3. Reinig tanden en masseer tandvlees door rustig heen en weer bewegen. Cure dents: Enlève les plaques dentaires et les résidus alimentaires, masse les gencives, prévient la perte des dents. Mode d'emploi: 1. Bien humidifier le cure dents dans la bouche avant l'emploi.

Wachtendbierglazen

Chalk Editions geeft experimentele poëzie uit en staat onder redactie van Peter Ganick & Jukka-Pekka Kervinen. Inmiddels zijn twintig titels in digitale vorm gratis verkrijgbaar. Mijn oog viel op waitinale glasses van Hugh R. Tribbey: woordmozaïeken waaruit betekenis zich flakkerend verheft. Ik heb getracht een gedicht uit deze inspirerende bundel te vertalen:
4.3
3 later geen Apex front
van McLaren & gitaarOriginelen zwak
een-pauze gedicht Bernstealism zaad Tulsa
naat over vorm zelf 19.6

naar door opa Lazer fe
snijdmmaan nerve counter aselp &
onderwerplf zadel meer tr cancere
gesneden / nagl iedere PCck

tracks aan d/ – astrstory: Relig.
voedsel structuursprngen: zzij voorvade ruimte
lachen teend Cut-up pbs.ons Een
neef ultimedia songs. over eco

& mensen verschijnen pruttelen bemanning:uit
Johnen cing – 2 – chferent Waarom
salsa ui snijdist 542 – Judith – opgeleid
in (1/led $ 1 tip bijt

- GOYLZ f Hij /
62.569 over mannen moy K.
fictie osmisch winkel: P. bot"
- in rekening gebracht eenknok de rden hij

24.1.10

Surface Translation

In The Sound of Poetry/The Poetry of Sound zegt Rosmarie Waldrop het volgende:
"Sound in poetry is not a simple phonetic matter. It cannot be separated from the semantic dimension. [...] This means it is impossible to translate the sound in poetry because the union of sound/sense will not be the same in any other language. [...] From this it follows that translators are forced to separate what cannot be separated."
Hieronder een vertaling van Jack Spicers gedicht "Car Song", waarbij ik niet de betekenis maar de klank heb willen bewaren. Als de tekst snel wordt uitgesproken (en zet de afko's daarbij niet om in de uitdrukkingen waarvoor ze staan) klinken de oorspronkelijke Engelse woorden door, inclusief hun betekenissen.
Kar song

Eh wee wie go wit no. moe net O.L.
E.k. toe li wie ar go ing. toe hel
Wie pin au r. punch toe au r. bek zendt cross in eek ar
Die intersectie ons W. air lover s. ar
Die wiel en die rood urn in toe eest air
Diep 'n ed. au r. bek s. is Ee yell oh star
Wie pin au r. p. 'n zon die wind s.h. iel d. l. a. ik
Wie crost iets cross ing. in hels des p. a. id.

18.1.10

Bevatten

"To get the hang of it" betekent "iets doorkrijgen, begrijpen, doorzien" of "iets onder de knie krijgen". In het zojuist verschenen online winternummer van diode staat een gedicht van Rae Armantrout, getiteld "The Hang". Dit zou kunnen worden vertaald in "Het hangen" of "De hapering" of "De aarzeling". Ik kies voor:
De bevatting

Het is belangrijk om het origineel
te articuleren,

bruut,
vage composiet.

Frames dienen één voor één
te worden bekeken,

in tijd –
gaten

in de wolken.

Blauwe vormen

op weg

naar ergens?

De trage stoet.

Het is mogelijk
om te bevatten.

17.1.10

Verban het vertellen van de waarheid

"Banish truth-telling," lees ik in John Ashbery's nieuwste bundel Planisphere. En verder: "That's the whole point, as I understand it./ Each new investigation rebuilds the urgency,/ like a sand rampart. And further reflection undermines it,/ causing its eventual collapse."

Dit zou zomaar een pijler kunnen zijn van Ashbery's poëtica. Denk ik dan. Aanleiding om het gedicht waaruit bovenstaande uitspraak afkomstig is, "Boundary Issues", te vertalen naar het Nederlands.
Grensgevallen

Hier in 't leven zouden zij begrijpen.
Hoe kan het ook anders? Wij hebben ook rondgetast,
onwijs, totdat de marge begon te wijken
en alles naargeestig werd, of verloren, of beide.
Wie zijn zij? En wie wij? De doden versus de levenden? En wat zouden zij begrijpen? Dat “wijs worden” (opgroeien?) gepaard gaat met stuiten op? Op wat? Muren? Grenzen? De grenzen van het mogelijke? Individueel mogelijke? De volgende, eenregelige strofe luidt in het Engels: "Now it was time, and there was nothing for it."
Nu was 't tijd, en niets was er voor 't.
Een multi-interpretabele passage. Is er niets voor het nu, het tegenwoordige ogenblik, het heden? Of is er niets voor het eigen leven? Of komt er niets in de plaats voor het verlies van de kinderlijke onschuld, de argeloosheid van de jeugd?
We genoten een goede maaltijd, ik en mijn vriend,
slurpten uit de melkbus, grepen naar verse groenten.
Toch was het leven een woestenij. Kom thuis, in goed vertrouwen.
Je kunt nog steeds beslissen om. Maar het wilde warmte.
Anders zouden list en subtiliteit onmogelijk worden
in die paar jaar of uren die ons nog resten. "Ja, maar..."
De iconische bedelaars schuifelden ook weg. Ik vertelde je,
als er een bres wordt geslagen, wordt het een kloof
nog voordat iemand kan weifelen. Een geschil
aan de andere kant van de stad barst in no time uit
in een oorlog, en eindigt even abrupt. De neiging om te helen
veegt al het voorafgaande in een droge rivierbedding, de mijnschacht,
in welke hoek je ook aan 't overpeinzen was. En de werkelijk verlorenen
moeten het weer goedmaken. Wij betalen altijd de tol.
Een sombere strofe. Geen optimisme, hoop op een gunstige afloop. Konkelen en foezelen lijken hier het historiebeeld te bepalen. John Ashbery is inmiddels 82 en maakt in dit gedicht – zo kan het gelezen worden – een balans op. En hij doet een voorstel:
Ik doe een suggestie: haal de angel eruit
zo zorgvuldig als je wilt. Bestrijk de ramen
met houtpulp tegen de middagsomberheid, die haar raadsels voorlegt,
haar elixers. Verban het vertellen van de waarheid.

Dat is het hele punt, zoals ik het begrijp.
Elk nieuw onderzoek herbouwt de urgentie
als een aarden wal. En verder nadenken ondermijnt het,
waardoor het uiteindelijk weer ineenstort. We zagen dit alles
van een afstand, als op een gekromd telraam, vanaf de eerste dag
in de urgentiemodus, maar toen deden afdoeningen er nog nauwelijks toe.
Het was kameraadschap, of iets dergelijks, die deed,
met haar neus in ons alsof wij papyri waren, hopen op een
gepaste houding, zich aftekenend tegen het hemellicht van brandend gas, vriendelijke overname door de nacht.
De "waarheid" zou hier, denk ik, ook kunnen worden uitgelegd als de (naderende) dood (van Ashbery). Wat een gedicht.

15.1.10

T3/T4

De proloog is voor u "op Java gezet": Een villa in Tiergartenstrasse. Nee, geen zuivere flarf, maar wel een extensie van dada, Oulipo, modernisme, language poetry, postmodernisme, conceptual poetry, flarf, New Media Poetics etc. Whatever...

10.1.10

Overboord

In 2004 werd Overboard van John Cayley te Berlijn als een installatie voor het eerst vertoont. De maker noemt het zelf een “dynamic linguistic wall-hanging, an ever-moving language painting”. Woorden en letters gaan kopje onder en komen weer aan de oppervlakte en soms kunnen we de onderliggende tekst lezen. Het loopt overigens goed af met de man overboord. Hieronder de laatste strofe:
till he was hauled up
to the brim of the water
and into the ship
and his life was saved
De muziek is van Giles Perring. Bekijk Overboard.