7.7.12

Ashbery's gulheid

Mijn horizon schoof op toen Christopher Nealon het gedicht van John Ashbery omschreef als 'omgeving'.

Frank Keizer vroeg me van de week of 'broze expansies' ook als metafoor zou kunnen gelden van Ashbery's werk.

Ashbery plaatst als geen ander woorden buiten het gebied waar zij oorspronkelijk thuis horen. Ashbery lezen is op ontdekking uitgaan.

En nergens lijkt er gevaar te dreigen.

'Nu maakt een ander fragiel, wonderlijk wezen de ronde,
In dit jargon geraken we, zoals bewolking van loof houdt
Stijl van de inwendige structuur van een seizoen
Van water in ijs.'

Jim Denevan

Geen opmerkingen: