Vroeg of laat
Het loopt tegen de avond.
Mijn kamer is warm.
De ochtend was heerlijk.
Mijn kamer was koel.
Een kardinaal zit op een rozenstruik.
Roder dan de roos.
Een jongeman leest op het grasveld.
Zijn drankje is koel.
Naast hem een boxer
hijgend in de zon.
De zon die naar het westen koerst
roert mijn gezicht.
Gisteren regende het.
'Een fijne dag om te werken.'
De dag gaat voorbij en
de avond daalt.
Avonden gaan voorbij
en ochtenden breken aan.
Alles wat ik hoop is
een goede nacht slaap
en grootse dagen.
Tot aan de laatste twee strofes heb ik eerder het idee dat ik een kennisgeving lees dan een vers, een mededeling die op vormelijke wijze kond doet van iets als het aaneenrijgen van de hondsdagen. In korte slagen wordt een contrastrijk beeld opgebouwd en een spanning die zich vroeg of laat moet ontladen: waar wil dit gedicht heen? In de afsluitende zin wordt met de 'hoop' plotsklaps een hoge lyrische versnelling ingeschakeld. Ik kan me het verlangen van de ik-figuur naar voldoende nachtrust nog indenken, maar 'grootse dagen'... WTF? Mijn sluis is volledig opengezet.
![]() |
| Frank O'Hara, John Button, James Schuyler en Joe LeSueur |

Geen opmerkingen:
Een reactie plaatsen